Stichting Museum en Expositie Geleen

                                       Sittard, Geleen, Born

St.-Eligius in Oud-Geleen

St. Eligius in Oud-Geleen

 

In de reeks Beelden in Geleen worden als het gaat om religieuze beelden enkel die beschreven, welke zich kenmerken door een bedevaartskarakter (vroeger en/of nu) ofwel door een patrocinium dat wil zeggen, beelden van heiligen, die officieel zijn uitgeroepen tot patroon van een kerk of parochie. De H. Eligius in Oud Geleen is of beter gezegd was een echte bedevaartsheilige. De devotie gaat terug tot 1485; er is dan in Geleen voor het eerst sprake van een Eligiusaltaar. In 1963 is ze nagenoeg helemaal verdwenen. De kerk van Oud Geleen is in het bezit van maar liefst vier Eligiusbeelden. Het oudste lindehouten beeld (zestig cm hoog) dateert uit de zeventiende eeuw en toont Eligius als bisschop met mijter en staf. In zin rechterhand houdt hij de smidshamer. Een neogotisch houten Eligiusbeeld (150 cm hoog) uit 1877 staat op een console tegen de muur vlakbij het priesterkoor en laat de heilige zien als bisschop eveneens met de smidshamer. Onder de toren in een nis bevindt zich nog een ander beeld van Eligius (negentig cm hoog) en in de sacristie een gipsen beeld van 63 cm. Bovendien heeft de kerk nog twee reliekhouders met resp. een tand en een wervel van de heilige.

 

Korte biografie

Eligius of Eloy werd omstreeks 590 geboren nabij Limoges. Hij was eerst hoefsmid en na een opleiding tot goudsmid kwam hij in dienst van de Merovingische koningen Clotharius II en Dagobert I. Voor Clotharius vervaardigde hij een gouden troon, die ook zijn opvolger Dagobert gebruikte. Deze troon is nog steeds te bezichtigen als ‘fauteuil de Dagobert’ in het Cabinet des Médailles te Parijs. Onder deze koningen had Eligius een bevoorrechte positie en kreeg hij de kans om het beroemde klooster van Solignac te bouwen en zorgde hij ervoor dat het de monniken aan niets ontbrak. In Parijs stichtte Eligius een abdij voor vrouwen. Toen het bisdom Noyon vacant werd koos men Eloy als de nieuwe bisschop. Zijn bisschopswijding vond plaats op 13 mei 641. Noyon ligt, zoals U wellicht weet, in Noord-Frankrijk, maar ook Doornik, Gent en Kortrijk behoorden tot zijn diocees. Eligius heeft veel gedaan voor de geloofsverkondiging in zijn bisdom en die geloofsverkondiging werd ondersteund en voortgezet door de vele kloosters, die hij overal stichtte. Eligius overleed op 1 december 660. Zijn relieken zijn een tijdlang bewaard in de abdij van Oosterhout. In 1952 werden zij teruggebracht naar de kathedraal van Noyon.

 

Verering

Pastoor Heimbach vertelt over de Eligiusverering in Geleen in 1745. Er is sprake van twee feesten jaarlijks namelijk op 25 juni en

1 december en bijzonder op deze feestdagen ‘vond in Geleen een grote volkstoeloop plaats’. Belangrijk onderdeel was de paardenzegening om deze dieren te beschermen tegen of te genezen van allerlei ziektes. Als geneesheilige werd St.-Eligius door mensen aangeroepen tegen zweren, ‘koningszeer'(scrofulose), kanker, lupus, ‘nagelgaten'(een virale huidaandoening) en tuberculose. Verder is hij ook de beschermer van de armen en vroeg men zijn hulp bij geldgebrek. Tenslotte is Eligius de patroonheilige van hoefsmeden en veeartsen. Ook andere beroepsgroepen kozen hem als schutspatroon zoals numismatici, metaalbewerkers, slotenmakers en edelsmeden. In 1852 besloot het gemeentebestuur van Geleen om op het feest van ‘Sinteloa’

(1 december) een jaarmarkt te houden met het karakter van een veemarkt.

Dit gaf de feestviering uiteraard een behoorlijke impuls en zorgde ervoor dat niet alleen de kerk, maar ook de cafés druk bezet waren.Ook buiten de twee feestdagen kwamen veel mensen met wonden en gezwellen naar de kerk van Geleen om zich op voorspraak van de H. Eligius te laten belezen en zegenen en zodoende van kwalen en ziektes genezen te worden.Door de opkomst van de mijnindustrie in de jaren twintig van de twintigste eeuw liep de verering voor St.-Eligius geleidelijk aan terug.

Geleen veranderde immers van boerendorp tot mijnstad. Het feest van de H. Barbara (4 december), patrones van de mijnwerkers, kreeg nu bijzondere aandacht en verdrong in zekere mate de Eligiusverering. Tot voor enkele jaren werd er in de kerk van Oud Geleen rond 1 december nog een plechtige hoogmis gevierd ter ere van deze helige. Maar ook die traditie is verdwenen.

Als U meer wilt lezen over de eeuwenlange Eligiusverering in Geleen, zou ik U willen verwijzen naar F. Hermans, De St. Eloydevotie in Geleen, in: Tijdschrift Heemkunde Geleen 1984,2, 57 128 en A. Schrijnemakers en A. Jacobs, De Eligiusdevotie in Oud Geleen, in: Bedevaartplaatsen in Nederland, Amsterdam/Hilversum 2000, 3, 695 699.

 

Jo Kreukels

© DJK-ontwerp.nl 2017

Disclaimer